De regering voert de "energienorm" in om de concurrentiekracht van elektro-intensieve Belgische industrieën te ondersteunen

Op voorstel van federaal minister van Energie, Mathieu Bihet, heeft de ministerraad vandaag in eerste lezing de invoering van de 'energienorm' goedgekeurd. Deze langverwachte beslissing heeft tot doel de concurrentiekracht van onze elektro-intensieve industrie, die geconfronteerd wordt met stijgende kosten en internationale concurrentie, aanzienlijk te versterken.

De energieprijs is vandaag één van de bepalende factoren voor de concurrentiekracht van de industrie. Belgische bedrijven die actief zijn in strategische sectoren dragen momenteel hogere elektriciteitskosten dan onze buurlanden, zoals Frankrijk. 

Deze situatie plaatst onze grote ondernemingen in een zwakke positie ten opzichte van hun directe concurrenten. Ze vormt een bedreiging voor de werkgelegenheid, vertraagt investeringsbeslissingen en verzwakt de waardeketens die van strategisch belang zijn voor onze open economie. Zonder een gerichte aanpak is het risico op delokalisatie en duurzaam verlies aan industriële capaciteit reëel.

Met deze hervorming bekrachtigt de federale regering een duidelijke visie: het beschermen van de industriële concurrentiekracht en tegelijkertijd bedrijven betrekken bij de energietransitie. "De uitdaging bestaat erin decarbonisatie en concurrentiekracht te combineren, zodat de onmiddellijke steun eveneens past binnen het kader van onze doelstellingen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen", bevestigt de minister van Energie.  

Een gecombineerd mechanisme 

De energienorm bestaat uit een tijdelijke en een structurele component. Ze combineert een structurele verlaging van de elektriciteitstransmissietarieven met tijdelijke steun via het Europese kader voor staatssteun CISAF (Clean Industrial Deal State Aid Framework), dat op 25 juni jongstleden door de Europese Commissie is bekendgemaakt. Deze aanpak maakt het mogelijk om de concurrentiekloof met de buurlanden te verkleinen.

Concreet houdt het CISAF-kader in dat de betrokken elektro-intensieve bedrijven een gerichte korting krijgen op het energiegedeelte (commodity) van hun elektriciteitsfactuur. Deze steun, die geplafonneerd is tot een maximale vermindering van 50%, zal de elektriciteitsfactuur aanzienlijk verlagen. De bedrijven zullen op hun beurt moeten investeren in projecten gericht op decarbonisatie, energie-efficiëntie en vraagflexibiliteit. Zo worden de competitiviteit en de veerkracht van onze bedrijven versterkt, terwijl de energietransitie wordt versneld.

"We hebben besloten om meteen vanaf 2026 op te treden, met duidelijke regels, gebaseerd op een robuust Europees kader en een concreet beleid op het gebied van decarbonisatie. Deze overheidssteun wordt een hefboom voor investeringen en industriële modernisering. Ze versterkt onze economie en ondersteunt de energietransitie van de industrie op een positieve en pragmatische manier", aldus minister Mathieu Bihet.

Een budget van bijna 1 miljard euro voor de legislatuur

Het budget voor de energienorm voor de hele legislatuur bedraagt bijna 1 miljard euro. Dit bedrag omvat de kredieten die in het federale begrotingskader zijn voorzien en een aanvullende financiering die tijdens het laatste begrotingsconclaaf is besloten.

Deze enveloppe is bestemd voor de Belgische elektro-intensieve industrie die het meest blootgesteld is aan internationale concurrentie en waarvoor elektriciteit een doorslaggevend deel van de productiekosten uitmaakt. De betrokken sectoren en bedrijven zullen worden geïdentificeerd op basis van hun verbruiksprofiel, om de situaties zo goed mogelijk gericht aan te pakken en te prioriteren.

Met de combinatie van het tijdelijke Europese kader en de structurele verlaging van de elektriciteitstransmissietarieven geeft de regering een krachtig signaal aan het industriële weefsel: België blijft een land waar geïnvesteerd, geproduceerd en geïnnoveerd kan worden, terwijl tegelijkertijd een moderne en veerkrachtige economie wordt opgebouwd.

"We zullen niet toestaan dat onze industrie wordt benadeeld door energiekosten waar zij geen controle over heeft. De energienorm beschermt vandaag de werkgelegenheid en de concurrentiekracht en bereidt de industrie tegelijkertijd voor op morgen", besluit Mathieu Bihet.

In het kort

De energienorm streeft verschillende complementaire doelstellingen na: 

  • Ze versterkt de concurrentiekracht van de Belgische elektro-intensieve industrieën, die bijzonder kwetsbaar zijn voor hogere energiekosten dan in het buitenland.
  • Ze draagt bij tot de stabilisatie van de industriële werkgelegenheid en tot het veiligstellen van investeringen in sectoren die cruciaal zijn voor de Belgische economie.
  • Ze versnelt de energietransitie van de industrie, waarbij overheidssteun gekoppeld is aan concrete verbintenissen op het gebied van energie-efficiëntie en decarbonisatie. 
  • Het getal “50” om te onthouden voor de CISAF-piste:

    -  50% van de prijs: de steun kan maximaal een vermindering van 50% van de gemiddelde jaarlijkse groothandelsprijs dekken.

    -  50% van het verbruik: deze steun kan slechts worden toegepast op maximaal 50% van het jaarlijkse elektriciteitsverbruik.

    -  Minimumprijs 50 EUR/MWh: deze korting mag niet leiden tot prijzen van minder dan 50 EUR/MWh voor het in aanmerking komende verbruik.

    -  50% om te investeren: ten minste 50% van de ontvangen steun moet worden geherinvesteerd in projecten die gericht zijn op decarbonisatie, energie-efficiëntie en vraagflexibiliteit.